Dubbelloof is een bijzondere varen die je vaak tegenkomt langs beken en in vochtige bosranden. Wat deze plant direct opvallend maakt, is dat hij twee soorten bladeren heeft.

Afbeelding: dubbelloof langs de beek
De frisse, groene bladeren zorgen voor de groei van de plant. Daartussen verschijnen in het voorjaar de rechtopstaande, bruine sporenaren. Die steken als kleine kaarsjes boven het groen uit en zorgen voor de voortplanting.
Dubbelloof groeit het liefst op vochtige, voedselrijke grond, op plekken waar zonlicht zacht wordt gefilterd door het bladerdak van bomen. De combinatie van water, schaduw en rust maakt dit een ideale plek.
Je herkent de plant aan zijn glanzende, leerachtige bladeren en het duidelijke verschil tussen de twee bladtypen. Als je het eenmaal ziet, herken je hem steeds sneller.
Het beekmijtertje is een kleine, maar opvallende paddenstoel die je in het voorjaar soms langs en zelfs ín beken kunt vinden. Hij valt direct op door zijn slanke, witte steeltje en het feloranje hoedje, dat doet denken aan een kleine mijter.

Afbeelding: het beekmijtertje in de beek
Deze paddenstoel groeit op rottend hout en bladeren die in het water of langs de oever liggen. Daar vervult hij een belangrijke taak: het afbreken van organisch materiaal. Wat voor ons afval lijkt, wordt door het beekmijtertje omgezet in voedingsstoffen waar andere planten weer van profiteren.
Juist doordat deze soort zo gevoelig is voor zijn omgeving, zegt zijn aanwezigheid veel over de kwaliteit van het water en de natuur eromheen. Waar het beekmijtertje groeit, is het ecosysteem meestal in balans.
Klein en makkelijk over het hoofd te zien — maar van grote waarde voor het leven in en rond de beek.